‘Qua volatiliteit lijken we op Zuid-Europa’

Home / Nieuws / ‘Qua volatiliteit lijken we op Zuid-Europa’

‘Qua volatiliteit lijken we op Zuid-Europa’

Dirk Bezemer is hoofddocent Economie en Bedrijfskunde aan de Rijksuniversiteit Groningen. Onlangs sprak hij op een bijeenkomst van het Sustainable Finance Lab over de rol van de financiële sector in de economie. Opmerkelijk: ‘Nederland is economisch geen stabiel land. We horen thuis in het rijtje Spanje, Portugal, Frankrijk en Italië qua volatiliteit. Dat komt door onze relatief grote financiële sector. Reguleren moet nu’, aldus Bezemer.

Fragiliteit
De captains of finance slaakten een klein zuchtje van ontzetting. Zuid-Europa is doorgaans niet het beeld dat ze graag zien als ze voor de spiegel staan. ‘Nederland heeft uitzonderlijk hoge schulden en een zeer grote financiële sector. Dat is onlosmakelijk met elkaar verbonden. Wanneer de schuld verschuift van de reële economie naar het vastgoed, dan groeit de hypothekenberg. Die enorme hypotheekschuld leidt tot fragiliteit van de economie. Na de crisis was er een lange periode van stagnatie. Enerzijds door de effecten van onze schulden en anderzijds door bezuinigingsmaatregelen van het kabinet. Die hebben bepaald niet geholpen.’

Theorie Minsky
De onderzoeksgebieden van Dirk Bezemer zijn ontwikkelingseconomie en de rol van de financiële sector in de economie. Hij is aanhanger van de theorie van Hyman Minsky, die verklaringen zocht voor economische depressies. Minsky formuleerde de Financial Instability Hypothesis. ‘In economieën met hoogontwikkelde financiële markten vindt gemakkelijk een verschuiving plaats: van veilig financieren, via speculatieve constructies, naar een piramidespel. Het grote aanbod van financiering werkt stuwend’, zo legde Bezemer uit. ‘Door het gevoel van rijkdom, door gestegen woningwaarde, gingen mensen meer lenen en consumeren. Rond 2010 kwam het omslagpunt. Hoge schulden leidden tot angst en lagere consumptie. Ook de overheid hield de hand op de knip. Dat was fout. Terugdringen van het overheidstekort betekent namelijk een toename van het tekort in de private economie. Juist bij tegenwind moet de overheid stimuleren. Door de schuldenberg was er angst bij de consumenten. Ook investeerders waren afwachtend. Dat is het niet moment om te gaan bezuinigen.’

Overheidsbeleid
Dirk Bezemer pleitte daarom voor stimuleringsbeleid, wat ook de private investeringen en de consumptie ten goede zou zijn gekomen. Tevens voor reductie van de vastgoedschuld. ‘Bedrijfsinvesteringen in de productie-economie zijn lang achtergebleven. Dat had gestimuleerd kunnen worden via speciale financieringen vanuit de overheidsuitgaven en garantiestellingen. Wat hypotheken betreft, zijn de regels wel aangescherpt, maar dat gaat lang niet snel genoeg. Je ziet alweer een huizenwedloop, die leidt tot een nieuwe schuldenberg. Slecht nieuws voor de stabiliteit van de economie bij een beetje tegenwind.’

Lange balansen
Problemen ontstaan als de schuld harder groeit dan de economie. Onderzoek laat zien dat dit gebeurt als er veel geleend wordt om vastgoed en vermogenstransacties te financieren. Het BBP groeit er vrijwel niet van, schulden en huizenprijzen wel. De overheid moet daarom sturen en reguleren. ‘Je kunt niet alles aan de markt overlaten, want dat leidt bij tegenwind tot nieuwe krimp. Dat hebben we gezien. Nederland heeft lange balansen met enorme hypotheeklasten tegenover enorme pensioenvermogens. Binnen vastgestelde kaders zou wat aan de schotten tussen die schulden en claims gedaan kunnen worden. Dat maakt Nederland economisch een stabieler land. Reguleren moet nu. Anders discussiëren we over vijf jaar weer over hoe het toch mis heeft kunnen gaan.’